fbpx
Ik ben in Haarlem als ik de auto in stap. Het is bijna lunchtijd en ik ben op weg naar huis. Radio 1 staat aan. Met een oor luister ik naar het interview met een Tweede Kamerlid. Haarlem is voor mij onbekend terrein dus ik probeer gelijktijdig te volgen wat mijn telefoon me vertelt. Totdat ik opvang dat dit Tweede Kamerlid er – volgens eigen zeggen – is voor de gewone mens. De Gewone Mens. Hoe ik verder rijd, weet ik niet precies want mijn gedachten gaan direct uit naar De Gewone Mens. Val ik daaronder? Aangesproken voel ik me niet want ik heb het afgelopen jaar erg mijn best gedaan mijn eigen weg te volgen in plaats van wat ik dacht dat de bedoeling was. Ben ik dan een ongewoon mens? Ik voel me niet passen binnen de doelgroep van dit Tweede Kamerlid. Maar wie is dan precies De Gewone Mens? Zijn het misschien de mensen die gewoon doen omdat dat in de Nederlandse volksmond al gek genoeg is? Is dat dan iedereen behalve de mensen die ongewoon doen of – sterker nog – ongewoon zijn? Ik denk terug aan de mensen die ik heb ontmoet tijdens mijn signeersessies bij verschillende Bruna’s in Nederland. Als ik voor iemand mag signeren, dan kijk ik in iemands ogen, ik ben even stil en schrijf op wat er in me opkomt. Wat ik bij deze – voor mij onbekende – mensen zie is kracht, liefde, zachtheid, verdriet, schoonheid (als mens), het leven, kwetsbaarheid. Ik vind dat niet gewoon. Ik vind dat bijzonder en prachtig om te zien. Blijft mijn vraag: Wie is dan toch De Gewone Mens? Volgens mij bestaat ie niet.